Twee woorden… Negen letters. Duurt lang! Een beurs vol knipperende lampjes en neonborden met het woord NIEUW! Maar als je goed kijkt, is er weinig dat echt nieuw is. Veeg franje aan de kant, knijp je ogen tot spleetjes en kijk door de mist: het is niets vergeleken met decennia geleden. Wanneer komt de volgende grote doorbraak nou eens?
‘Mislukkingen’ horen bij innovatie. Loop maar eens rond in het Philipsmuseum en je vraagt je met grote ogen af waarom vindingen niet aan zijn geslagen. Ik zet ‘mislukkingen’ tussen aanhalingstekens, want eigenlijk zijn het geen echte mislukkingen; het is meer een kwestie van verkeerde plek, verkeerde tijd.
Binnen de maakindustrie geldt dit natuurlijk net zo goed, al is er een groot verschil tussen hardware en software. Hardware is tastbaar en moet een specifieke oplossing bieden. De Grote Problemen zijn grotendeels opgelost sinds de introductie van numerieke sturingen. De hardware-innovaties vinden tegenwoordig vaak aan de randen plaats, zoals hydrovormen en wrijvingsroerlassen. Dit zijn zeer specifieke ontwikkelingen die vaak worden gedreven door eindproductontwikkeling, bijvoorbeeld bij de lancering van een nieuwe auto of een nieuwe straalmotor.
Innovaties binnen de loonverspaning zijn veel lastiger omdat er niet één partij is. Er heerst een eilandjesbenadering. Digitale oplossingen van twintig jaar geleden worden nu opnieuw verpakt met een AI-sausje en iedereen biedt zijn eigen incompatibele systeempje aan. Als je even over het dunne laagje chroom krast, schrik je je wezenloos van wat er allemaal niet kan. Het is geen kwestie van ‘verkeerde plek, verkeerde tijd’; het klopt gewoon niet.
Ja, we liepen ooit voorop met vooruitgang en automatisering, maar we zijn hopeloos achteropgeraakt doordat we het normaal zijn gaan vinden om getalletjes van het ene scherm naar het andere over te typen. In tegenstelling tot een autofabriek zijn wij als kleine verspaners niet in staat om individueel een innovatietraject op te zetten dat het digitale voor óns laat werken. We zijn afhankelijk van leveranciers, en die blijken niet in staat te zijn om te bieden wat wij echt nodig hebben.
Daar zal de EMO ook geen verandering in brengen. Er zijn enkele leveranciers die het opnieuw zullen proberen, maar dat is ook geen in de praktijk bewezen en getest product. Mooie en hoogwaardige deelcomponenten, zoals een prefab dakkapel, een douchecabine en een serre, vormen nog geen compleet huis. Je moet deze componenten immers nog steeds aan elkaar bouwen. Wat we echt nodig hebben, is een volledig getest en bewezen prefab huis dat je in één dag kunt neerzetten.
In Nederland doen we iets tamelijk unieks met de loonverspaning. Het beschikbare digitale budget dat we gezamenlijk hebben, is enorm. Het is tijd om de innovatie niet langer in handen van eilandjesleveranciers te laten, maar zelf het heft in eigen handen te nemen. Voor de concurrerende landen duurt het niet te lang!